Kort verslag overleg zorgverzekering in Barcelona

In Barcelona was er een overleg met de ZIN, het zorg instituut Nederland, en buitenlandse vertegenwoordigers.
De FANF was er bij voor Nederlanders in Frankrijk.

Dit zijn de aktiepunten

Betreft : Stand van zaken actiepunten

1 ZIN neemt contact op met de Belastingdienst met de vraag of het mogelijk is dat de vragen over sparen en beleggen niet hoeven te worden beantwoord als er geen zorgtoeslag wordt aangevraagd.

Over de vraag of het mogelijk is dat de vragen over sparen en beleggen op het NiNbi-formulier niet hoeven te worden beantwoord als er geen zorgtoeslag wordt aangevraagd hebben wij contact opgenomen met de Belastingdienst. Het antwoord op de vraag is nee. Allereerst is de hoogte van het box 3 inkomen nodig om te kunnen beoordelen of de verdragsgerechtigde recht heeft op ouderenkorting. Daarnaast is er een wettelijke belemmering: de Belastingdienst moet de beschikkingen vaststellen op grond van artikel 8a Awir. In lid 2 van dat artikel staat hoe de Belastingdienst het NiNbi moet berekenen. Er wordt gesproken over wereldinkomen als woonde men in Nederland. En daar hoort box 2 en 3 inkomen in te worden meegenomen.

2 ZIN gaat in overleg met de SVB onderzoeken of een beslagvrije voet op basis van de kosten van levensonderhoud in het woonland mogelijk is.

Tijdens de bijeenkomst in Barcelona hebben wij toegezegd te zullen onderzoeken of het mogelijk is een beslagvrije voet toe te passen bij vorderingen op verdragsgerechtigden. Ook de Nationale Ombudsman heeft ons gevraagd hiertoe over te gaan. Zoals bekend is het Zorginstituut niet verplicht om een beslagvrije voet toe te passen voor verdragsgerechtigden. Uit de wet (artikel 475e Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv)) volgt dat de beslagvrije voet niet geldt voor vorderingen van een schuldenaar die niet in Nederland woont. Op verzoek van de schuldenaar kan de kantonrechter wel een beslagvrije voet vaststellen.

Na ampel beraad hebben wij besloten om mede in verband met de overgang van de uitvoering van de buitenland regelingen naar het CAK per 1 januari 2016 geen stappen meer te ondernemen om in 2015 bij vorderingen op verdragsgerechtigden spontaan over te gaan tot toepassing van de beslagvrije voet. Als een betrokkene met ons contact opneemt, zijn wij in principe wel bereid een afbetalingsregeling te treffen. De voorwaarden staan op onze website. Zie hiervoor: http://www.zorginstituutnederland.nl/verzekering/buitenland/financiele+informatie+verdragsgerechtigden#Wiltueenbetalingsregeling? Juist om financiële problemen te voorkomen wijzen wij in onze schriftelijke communicatie met de betrokkenen uitgebreid op de mogelijkheid van een betalingsregeling. We hebben ook besloten om de brieven over herinnering, aanmaning, beslaglegging en dwangbevel voortaan in vijf talen te vertalen (Duits, Engels, Frans, Spaans en Turks). Op deze manier doen wij er alles aan om onze boodschap zo helder mogelijk over te laten komen. Onze ervaring is dat er veelal een bevredigende oplossing gevonden wordt als de betrokkene contact met ons opneemt.
Spijtig genoeg laten sommige mensen na ontvangst van de beschikking en ook in het herinnerings- en aanmaningstraject niets van zich horen en komen zij pas in actie als wij de incasso doorzetten. Belangenorganisaties zouden hun leden/lezers kunnen helpen door ook op hun website aandacht te schenken aan de mogelijkheid een betalingsregeling met ons te treffen.

Als de verdragsgerechtigde na onze herinnering en aanmaning nog niet betaalt of de betalingsregeling niet nakomt dragen wij de vordering over aan de deurwaarder. De deurwaarder is in beginsel bereid om rekening te houden met een beslagvrije voet. Als de debiteur contact opneemt met de deurwaarder zal de deurwaarder een inkomsten en uitgaven overzicht sturen. Aan de hand van het ingevulde formulier en de daarbij behorende bewijsstukken gaat de deurwaarder in overleg met de debiteur vaststellen wat deze maandelijks kan betalen. Het is daarbij van belang dat de debiteur aantoont dat hij beschikt over onvoldoende middelen van bestaan. In de praktijk blijkt dat debiteuren nogal eens onvoldoende bewijs overleggen waaruit blijkt dat ze beschikken over onvoldoende middelen van bestaan. Als dat bewijs wel wordt geleverd is de ervaring van de deurwaarder dat de betrokkene vaak tevreden is met de afspraak. Als dat onverhoopt niet het geval is staat voor de betrokkene altijd nog de mogelijkheid open om de zaak voor te leggen aan de kantonrechter. Als de kantonrechter daartoe aanleiding ziet zal deze de hoogte van de beslagvrije voet vaststellen.

3 De premie van de Franse aanvullende verzekering wordt door de Belastingdienst niet als aftrekpost geaccepteerd. ZIN gaat dit met de Belastingdienst bespreken.

De vraag over de aftrekbaarheid van de premie voor de Franse aanvullende verzekering hebben wij besproken met de Belastingdienst. De Belastingdienst heeft aangegeven dat de premie voor de Mutuelle verzekering niet als uitgave voor specifieke zorgkosten in aanmerking kan worden genomen. Of een uitgave tot de specifieke zorgkosten moet worden gerekend, dient te worden getoetst aan de Nederlandse wetgeving: de Wet inkomstenbelasting 2001. In art. 6.17 van die wet wordt aangegeven wat specifieke zorgkosten zijn. Art. 6.18 geeft aan wat zeker geen specifieke zorgkosten zijn. In dat laatste artikel wordt aangegeven dat premies voor ziektekostenverzekeringen niet (meer) als specifieke zorgkosten kunnen worden aangemerkt.
Tijdens ons overleg gaven de vertegenwoordigers uit Frankrijk aan dat de Mutuelle verzekering een verzekering is om de kosten die de Franse basisverzekering niet vergoedt, alsnog vergoed te krijgen. Naar mening van de Belastingdienst gaat het hier om een ziektekostenverzekering die onder bovengenoemd regime valt en waarvan de premie niet aftrekbaar is.

4 ZIN stelt VWS op de hoogte van de brief van de Europese Commissie over de aanduiding van de verdragsbijdrage.

Wij hebben VWS in kennis gesteld van de door de Europese Commissie gebruikte terminologie over de Nederlandse verdragsbijdrage. VWS vindt het ook spijtig dat hierdoor kennelijk misverstanden ontstaan, maar is uiteindelijk niet verantwoordelijk voor de schriftelijke uitingen van de Commissie. (Het gaat hier om het gebruik van de term ‘verzekering’ door de EC terwijl NL stelselmatig spreekt over ‘aanspraak op zorg’. NL wenst duidelijk te maken dat Verdragsgerechtigden niet zijn verzekerd volgens de Zorgverzekeringswet, zoals Nederlanders in NL dat zijn. Dit wordt dus zelfs door de EC niet goed begrepen. Aanvulling van Guido Smoorenburg.)

5 ZIN gaat na of onder de gewijzigde omstandigheden verdragsgerechtigden ook in Nederland een reisverzekering kunnen afsluiten en kijkt ook of de huidige tekst over reisverzekeringen op de website duidelijker kan.

De kwestie van de reisverzekeringen hebben wij bij Zorgverzekeraars Nederland en het Verbond van Verzekeraars aangekaart. In het verbond is dit besproken in de Commissie Reis(verzekering). De uitkomst daarvan was de volgende:
• het is allereerst mogelijk om een reisverzekering met medische dekking in het woonland te nemen. Die bestaan (zeker in Spanje) en sluit dus aan op de basisdekking die men aldus conform de Spaanse regels heeft. Mogelijk wijkt die premie af van de Nederlandse situatie; (Dit geldt niet voor FR. De CPAM beperkt haar zorgverzekering voor de Verdragsgerechtigden tot het Franse grondgebied. Aanvulling van Guido Smoorenburg.)
• verder is het inderdaad bekend dat veel Nederlandse reisverzekeraars de eis van een reeds bestaande Zvw-verzekering stellen, maar het komt ook het Verbond voor dat niet alle deze eis stellen. Diverse internationale concerns (bijvoorbeeld Allianz/Elvia Axa of Winterthur) bieden internationale dekkingen. Volgens het Verbond zou ook de verzekeringsmaatschappij OOM een passend aanbod kunnen doen.

Voor zover wij dat hebben kunnen nagaan, stellen echter ook de internationale concerns direct dan wel indirect de voorwaarde van het in Nederland woonachtig zijn. Het specifieke punt van de relatie tussen een onderliggende basisverzekering en het vervallen van de werelddekking in de Zvw is niet aan de orde geweest. Dat is in dit stadium ook lastig, want het wetsontwerp waarin dit geregeld is, bevindt zich nog steeds in de ambtelijke fase. Dat betekent onder meer dat de inwerkingtreding daarvan nog wel enige tijd gaat duren. Op termijn willen wij nog met ZN en het verbond om de tafel om dit te bespreken.

De tekst op de ZIN-website over het afsluiten van reisverzekeringen is inmiddels aangepast.

6 ZIN/Agis informeert de gerechtigden die onder de AWBZ-overgangsregeling vallen over de gevolgen van de stelselwijziging langdurige zorg.

Agis (thans: Zilveren Kruis Achmea) heeft begin december 2014 de +/- 20 personen uit de overgangsregeling 2006 die als gevolg van de invoering van de Wlz vanaf 1 januari 2016 geen recht meer hebben op begeleiding, geïnformeerd. Ook de zorgverleners in Spanje hebben hierover bericht gekregen. Zilveren Kruis Achmea zal in juni hierover nog een keer contact opnemen met de betreffende personen en zorgverleners.

7 ZIN informeert t.z.t. over het resultaat van de evaluatie van de Europese socialezekerheidsverordening.

De Administratieve Commissie voor de coördinatie van de sociale zekerheidsstelsels heeft de door de verordening voorgeschreven evaluatie uitgevoerd. De evaluatie heeft betrekking op de methodes en administratieve procedures voor de vergoeding van de kosten van verleende zorg tussen lidstaten. Meer in het bijzonder gaat het om de artikelen 64 en 67 van Verordening (EG) nr. 987/2009. Voor zover dit aanleiding geeft tot aanpassing van de bestaande regelgeving worden die per afzonderlijke wijzigingsverordening gepubliceerd in het Publicatieblad van de EU.

Geef een reactie